Relier Pairs VoortplantingsorganenVersion en ligne Zoek de juiste omschrijving bij de begrippen! par Elena Legemaate 1 Penis 2 Baarmoederslijmvlies (endometrium) 3 Teelbal (testes) 4 Ovulatie (eisprong) 5 Balzak (scrotum) 6 Urinebuis 7 Zaadleider (de ductus deferentes) 8 Eikel 9 Urineblaas 10 Voorhuid 11 Eierstok (ovaria) 12 Vagina (vulva) 13 Mannelijk voortplantingsstelsel 14 Secundaire geslachtskenmerken man 15 Primaire geslachtskenmerken 16 Prostaat 17 Secundaire geslachtskenmerken vrouw Vrouwelijk geslachtsorgaan waarin de ontwikkeling van eicellen plaatsvindt en waar geslachtshormonen worden aangemaakt. In de balzak liggen de teelballen. Hier worden de zaadcellen aangemaakt. Teelbal (testes) Ook wel blaas genoemd; orgaan waarin de urine uit de nieren wordt opgeslagen tot het moment van urineren (plassen). Deel van vrouwelijke geslachtsorganen; verbindt de baarmoeder met de buitenkant van het lichaam. Orgaanstelsel bestaande uit organen die betrokken zijn bij de voortplanting van dieren, mensen en planten. Afvoergang van de blaas naar de buitenkant van het lichaam, die urine vervoert. Bij de zaadlozing van een man gaat ook het sperma hier doorheen. Geslachtskenmerken van meisjes die zich in de puberteit ontwikkelen, onder invloed van geslachtshormonen. Bijvoorbeeld: borsten en bredere heupen. Voorste huidplooi op de penis die de eikel bedekt en beschermt. Geslachtskenmerken van jongens die zich in de puberteit ontwikkelen, onder invloed van geslachtshormonen. Bijvoorbeeld: extra spieren en baardgroei. Uiteinde van de penis; zeer gevoelig plekje van een man dat bij aanraking zorgt voor seksuele opwinding. Deel van de mannelijke geslachtsorganen; de twee zaadleiders monden via de prostaat in de urineleider uit. De prostaat voegt vocht met voedingsstoffen toe aan de zaadcellen. Mannelijk geslachtsorgaan, ook wel lid genoemd, dat wordt gebruikt om urine te lozen, voor seksualiteit en geslachtsgemeenschap. Laag slijmvlies aan de binnenkant van baarmoeder dat in de loop van de menstruatiecyclus dikker wordt en tijdens de menstruatie wordt afgestoten. Afvoergang van zaadcellen van de bijbal richting de prostaat. Een eicel barst uit een rijpe follikel (blaasje met vocht in de eierstok) en komt vanuit de eierstok in de eileider terecht. Kenmerken, die vanaf de geboorte aanwezig zijn en waaraan je het geslacht (jongen of meisje) kunt bepalen. Bijvoorbeeld: penis, prostaat, vagina, baarmoeder.