1
.
Ik
hier
.
2
.
Waar
jij
?
3
.
Wij
hier
.
4
.
Zij
(
Plural
)
daar
.
5
.
Waar
u
,
meneer
De
Vries
?
6
.
Jan
daar
ook
.
7
.
Waar
u
,
meneer
en
mevrouw
Van
Veenen
?
8
.
Jij
op
mijn
stoel
.
9
.
Waar
jullie
?
10
.
Jan
en
Jans
hier
.